Tien jaar na de invoering van de Genderwet op 10 mei 2007 heeft het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen de effectiviteit van de wet geëvalueerd op basis van binnengekomen meldingen en klachten bij het Instituut. Het aantal meldingen en klachten dat het Instituut ontvangt blijft jaarlijks toenemen en duidt aan dat vrouwen en mannen nog steeds discriminatie ervaren jegens hun geslacht.

Lees het rapport 'Stand van zaken inzake toepassing en doeltreffendheid van de genderwet'.

Gebruik van de wet

genderwet klachten

genderwet zwangerschap

In het eerste gedeelte van het rapport wordt het gebruik van de Genderwet onder de loep genomen tussen 2008 en 2014. 

Meldingen en klachten zijn hoofdzakelijk afkomstig van vrouwen. In 2014 ging het om 62% vrouwen tegenover 37% mannen. Dit betekent een stijging voor de vrouwen tegenover 2013, terwijl het aantal meldingen door mannen vergelijkbaar is met de situatie in 2013.

De meeste meldingen en klachten die binnenkomen zijn arbeidsgerelateerd, behalve in 2013, toen er een sterke stijging was van geschillen met betrekking tot goederen en diensten. Ze werden vooral ingediend door mannen (vb. toegangsuren voorbehouden voor vrouwen in zwembaden of fitnessclubs). De meldingen en klachten binnen het domein arbeid die vrouwen bij het Instituut hebben ingediend, hebben voornamelijk betrekking op een breuk in de arbeidsrelatie (48% vrouwen tegen 8% mannen). Bij mannen heeft de discriminatie veeleer betrekking op de fase voorafgaand aan het beroep (42% mannen). 
Het domein ‘zwangerschap en moederschap’ binnen arbeid blijft een belangrijk discriminatiethema met een hoog percentage informatievragen en klachten bij het Instituut: 59% in 2008, 15% in 2013 en een daling naar 38% in 2014. 

Bovendien heeft de Genderwet niet geleid tot een sterke toename van het aantal processen rond discriminatie tussen vrouwen en mannen. Tussen 2007 en 2012 zijn er 29 beslissingen gevallen over deze materie, maar de processen zijn gebaseerd op feiten voor de inwerkingtreding van de Genderwet waardoor geen uitspraak kan gedaan worden over de impact van de wet op de rechtspraak.

Doeltreffendheid van de wet

In het tweede gedeelte van het rapport wordt de doeltreffendheid van de Genderwet onderzocht. De Genderwet werd enerzijds aangenomen om het Belgisch recht inzake genderdiscriminatie te vereenvoudigen en anderzijds dat Belgisch recht in overeenstemming te brengen met het Europees recht.

Het Instituut is verheugd over de vooruitgang die sinds 2007 werd geboekt bij het versterken van het wettelijk kader door de uitbreiding van het wettelijk arsenaal voor de gendergelijkheid en de bestrijding van discriminaties op grond van geslacht. Daarbij mag de rol die wetgeving speelt bij de bewustwording van de samenleving niet over het hoofd worden gezien.

Het Instituut doet een aantal aanbevelingen om problemen met toepassing van de wet te verhelpen.

 Aanbevelingen 

De voornaamste aanbevelingen van het Instituut werden in drie categorieën gebundeld:

  • de thematiek van het ouderschap, en de toevoeging van daaraan gelieerde discriminatiecriteria zoals vaderschap, ivf, gezinsverantwoordelijkheden, enz.;
  • de verplichte omzetting van Europese richtlijnen met betrekking tot pesterijen op grond van geslacht, of de uitbreiding van de bescherming van iedereen die een slachtoffer van discriminatie verdedigt of in haar of zijn voordeel getuigt;
  • de aanvulling van het wettelijk en reglementair kader inzake gelijkheid van vrouwen en nmannen, voor wat betreft wezenlijke en bepalende beroepsvereisten, genderspecifieke goederen en diensten of inzake positieve acties.