Schermafbeelding 2019 03 13 om 21.44.25Op 14 maart 2019 organiseren de vrouwenorganisatie zij-kant en de socialistische vakbond ABVV samen met de Europese Party of Europan Socalists (PES) Women de 15de Equal Pay Day om de loonkloof tussen vrouwen en mannen in België onder de aandacht te brengen. Equal Pay Day verwijst naar de dag van het jaar waarop vrouwen evenveel hebben verdiend als mannen het voorbije jaar. Concreet betekent dit dat vrouwen anno 2019 twee maanden en 14 dagen langer moeten werken om hetzelfde te verdienen als een man.

Onder het motto 'Share the work and close the gender pay gap' spoort zij-kant "mannen aan om hun verantwoordelijkheid te nemen: zolang zij zich onmisbaar wanen op hun voltijdse jobs, blijven kinderen een vrouwenzaak."  

Gelijk loon voor gelijk werk

'Gelijk loon voor gelijk werk' is al lang een eis van de vrouwenbeweging en een principe dat in 1957 in de Belgische wetgeving werd vastgelegd bij de ondertekening van het Verdrag van Rome.
 
Op basis van de uurlonen bedraagt de loonkloof in België ongeveer 6%. Op jaarbasis ongeveer 20%. Het verschil tussen de resultaten op uur- en jaarbasis kan verklaard worden door het effect van deeltijds werk. Vrouwen werken namelijk veel vaker deeltijds dan mannen. Het verschil in loon noemt men de loonkloof.

Het is niet eenvoudig om een eenduidige oorzaak te vinden voor deze ongelijke behandeling van mannen en vrouwen. De loonkloof kan voor een stuk verklaard worden doordat vrouwen oververtegenwoordigd zijn in minder goed betaalde sectoren. Daarnaast is er het hierboven vernoemde deeltijdse werk en is het zo dat vrouwen meer perioden kennen van onderbreking in hun loopbaan (tijdskrediet, zorg-en ouderschapsverlof) omdat ze thuis zwaarder belast worden met zorgtaken. Maar er blijven loonsverschillen bestaan die niet daardoor verklaard kunnen worden en die zijn goed voor maar liefst 52,6% van de loonkloof: een vrouw met dezelfde anciënniteit, leeftijd, opleiding en functie binnen hetzelfde beroep verdient gemiddeld toch minder dan een man. Een aanzienlijk deel van de loonkloof kan dus toegeschreven worden aan verborgen mechanismen, vooroordelen en stereotypen.

Een man verdient gemiddeld (nog steeds) meer dan een vrouw

De Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) publiceerde ter gelegenheid van Internationale Vrouwendag op 8 maart 2019 een rapport over de genderkloof op het werk wereldwijd. Het rapport is het sluitstuk van vijf jaar onderzoek in het kader van ‘Vrouwen op het werk’, een initiatief ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van de IAO. Het bespreekt onder andere de evolutie van de tewerkstellingsgraad bij vrouwen, het aantal vrouwen in een topfunctie en de loonkloof.

In het rapport staat dat in 2018 vrouwen oververtegenwoordigd waren in laagbetaalde sectoren en dat bij uitstek vrouwen geconfronteerd werden met slechte arbeidsomstandigheden. Dit gold voor 90% van de vrouwen in Sub-Saharisch Afrika, voor 89% in Zuid-Azië en bijna voor 75% in Latijns-Amerika. Vrouwen zijn tegelijkertijd ondervertegenwoordigd aan de top. Globaal gezien is slechts 27,1% van de managers een vrouw. 

IAO concludeert dat de genderkloof op het werk wereldwijd in 27 jaar slechts 2% is gedaald. Bovendien zou het nog 202 jaar duren vooraleer de loonkloof wereldwijd wordt gedicht. De grootste hindernis voor deze ongelijkheid zijn de onbetaalde zorgtaken die vrouwen nog steeds meer dan mannen voor hun rekening nemen. 

Ook het Belgische Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (IGVM) blijft deze conclusie maken in het loonkloofrapport dat het jaarlijks opstelt. Volgens Liesbet Stevens, adjunct directeur van het IVGM, is de loonkloof één van de symptomen van de ongelijke verdeling van zorgtaken in onze maatschappij: "Bovendien wijst de nog grotere loonkloof in jaarlonen vooral op de nog steeds ongelijke verdeling van zorgtaken in onze maatschappij, waardoor vrouwen vaker deeltijds werken dan mannen maar ook op de stereotiepe verwachtingen op de arbeidsmarkt zelf en op de segregatie."

Anders voltijds werken

Daarom vraagt zij-kant de beleidsmakers om de definitie van ‘voltijds werk’ te herbekijken. Iedereen heeft recht op een voltijdse baan. Het grote aandeel deeltijds werk bij vrouwen duidt immers op een structureel combinatieprobleem tussen werk- en zorgtaken. zij-kant wil een collectieve arbeidsduurvermindering voor alle sectoren en alle categorieën met behoud van loon en bijkomende aanwervingen om een evenwichtige verdeling tussen werk en privéleven te kunnen garanderen. Enkel als de maatregel voor iedereen geldt, hebben vrouwen evenveel kansen als mannen om een carrière uit te bouwen. 

In januari 2019 is de vrouwenvereniging Femma gestart met een experiment van een jaar met de korte werkweek. De vrouwenvereniging pleit al jaren voor een verkorting van de arbeidsduur en publiceerde in 2015 een uitgebreid dossier ‘combinatie arbeid en zorg 2.0’, waarin ze pleiten voor een structurele 30-urige werkweek. “Daarmee geven we vrouwen en mannen meer tijd om de verschillende rollen en functies die zij opnemen, beter op elkaar af te stemmen”, luidde het in het rapport. Femma wil nu in de praktijk aantonen dat een kortere werkweek wel degelijk realistisch is.

Het voorstel van een 30-urige werkweek stuit ook op forse kritiek. Een meerderheid van de klassieke economen vindt het voorstel van een kortere werkweek met loonbehoud in de huidige context zelfs economische onzin. Een kortere werkweek zou vooral praktische problemen veroorzaken: het aanstellen van nieuwe werknemers om de resterende uren op te vangen is een hoge arbeidskost, werkloosheidsproblemen blijven bestaan en knelpuntberoepen raken niet meer ingevuld.

Is een kortere werkweek haalbaar?

Los van de voor- en nadelen van een kortere werkweek wordt er momenteel in Europa druk geëxperimenteerd met een collectieve arbeidsduurvermindering in verschillende sectoren en de eerste bevindingen zijn positief. In Nederland slaagden de veiligheidsagenten erin om een vermindering te verkrijgen van twee werkuren per week, in het Verenigd Koninkrijk zijn het de postbedienden die een 35-werkurenweek moeten bereiken in 2022 en in Duitsland hebben ook telecomwerknemers een verminderde werktijd gerealiseerd. 

Dat zijn echter nog maar kleine stapjes ten aanzien van wat heel wat vrouwenbewegingen bepleiten. Zij gaan resoluut voor een collectieve arbeidsduurvermindering voor alle sectoren en alle categorieën, met behoud van loon en bijkomende aanwervingen. Dat zou een evenwichtige verdeling tussen werk en privéleven garanderen.

Enkel als een kortere werkweek voor iedereen geldt kan het gepaard gaan met een daling van het percentage deeltijds werk. Vrouwen en mannen hebben dan even veel kansen om een carrière uit te bouwen en kunnen privé-werk beter op elkaar afstemmen. Op die manier kan een deel van de loonkloof tussen mannen en vrouwen worden gedicht.

In de pers

Meer weten?

Aanraders uit de RoSa-bibliotheek

Zoek in de online catalogus op volgende onderwerpen: loonkloof / Arbeidsmarkt / Gelijke beloning