Skip to main content

Vasectomie en reproductieve autonomie bij mannen

RoSa vzw biedt elke twee weken een genderperspectief op actuele of onderbelichte thema’s. Deze week staan we stil bij de vasectomie of sterilisatie bij mannen* als vorm van anticonceptie. Welke rol kan een vasectomie spelen in een eerlijkere verdeling van anticonceptie tussen mannen en vrouwen? En hoe kan de ingreep mannen meer zeggenschap geven over hun eigen reproductieve keuzes?
Banner vasectomie
Gepubliceerd op 04/06/2026

Een vasectomie is met 99,7% effectiviteit veruit de meest betrouwbare vorm van anticonceptie, na het hormoonstaafje, dat onderhuids wordt ingebracht bij de vrouw. Een vasectomie is tot 87 keer effectiever dan het mannencondoom, de enige andere moderne optie voor anticonceptie voor mannen.

Tijdens een vasectomie worden de zaadleiders onderbroken, waardoor het sperma dat tijdens de ejaculatie wordt vrijgegeven geen zaadcellen bevat. De ingreep vindt plaats onder lokale verdoving en duurt ongeveer een half uur, waarna de man meteen naar huis kan. Na tussenkomst van de verplichte ziekteverzekering kost een vasectomie tussen de 15 en 500 euro. De uiteindelijke prijs hangt af van verschillende factoren, zoals de gekozen verdoving (lokaal of algemeen) en het type ziekenhuisverblijf (eenpersoons- of tweepersoonskamer).

Sterilisatie van vrouwen is minder betrouwbaar en aanzienlijk complexer: het vindt plaats onder algemene verdoving en brengt ook hogere gezondheidsrisico’s met zich mee. Bij vrouwen wordt sterilisatie uitgevoerd door beide eileiders met klemmetjes te dichten of ze dicht te branden, of door de eileiders of eierstokken volledig te verwijderen. Ook de kostprijs is hoger: bij een vrouw ligt die tussen 75 en 1000 euro na terugbetaling door de verplichte ziekteverzekering. De uiteindelijke prijs hangt onder meer af van de duur van ziekenhuisopname, die kan variëren van één nacht tot enkele dagen. Hoewel sterilisatie van de vrouw in Europa met 3,5% de minst populaire anticonceptiemethode is, is het het wereldwijd de meest gebruikte vorm van anticonceptie: 24% van de vrouwen rekent op een sterilisatie voor het beperken van zwangerschappen, tegenover slechts 2,4 % mannen.

"It should be very clear that when a couple is deciding between a vasectomy for the man or a tubal ligation for the woman, the vasectomy should be the easy choice every time."
Gabrielle Blair in Ejaculate Responsibly: The Conversation We Need to Have About Men and Contraception (2023, p. 45)

Cijfers scheppen de indruk dat er een groeiend draagvlak is bij mannen om een actievere rol op te nemen in het voorkomen van ongewenste zwangerschappen. In 2024 werden volgens cijfers van het RIZIV 18.383 vasectomieën uitgevoerd in België, net iets minder dan het recordjaar 2023. Tussen 2014 en 2024 was het gemiddeld jaarlijkse groeipercentage 8,10%. Tussen 2021 en 2023 was dit zelfs 25,32%. Dat deze stijging zich niet verder zette in 2024 wijst er volgens uroloog Piet Hoebeke op dat de jaarcijfers een plateau bereiken en waarschijnlijk ook de volgende jaren rond dit niveau zullen blijven schommelen.

Een internationale vergelijking leert dat het percentage vasectomieën globaal nochtans met bijna 61% afnam in de afgelopen twintig jaar. Wereldwijd vertrouwen vandaag slechts 17 miljoen mannen op een vasectomie (27 miljoen minder dan in 2001). Ter vergelijking: 219 miljoen vrouwen ondergingen een meer ingrijpende en risicovollere sterilisatie, een stijging van 8 miljoen ten opzichte van 2001.

Landen waar vasectomie het meest voorkomt, behoren vaak ook tot de landen die lager scoren op de Genderongelijkheidsindex (GII), opgesteld door het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties (UNDP). In Zuid-Korea, Canada, het Verenigd Koninkrijk en Nieuw-Zeeland, die relatief hoog scoren op gendergelijkheid, kiest tussen 20% en 27% van de mannen voor een vasectomie. In de Verenigde Staten steeg het aantal vasectomie consultaties dan weer met 35% in de nasleep van de vernietiging van Roe vs. Wade en de inperking van abortusrechten door het Grondwettelijk Hof.

Hoewel een vasectomie de meest veilige en betrouwbare vorm van anticonceptie is, kunnen we in België dus niet spreken van een frequent gebruik. Het aantal jaarlijkse vasectomieën verbleekt in het bijzonder in vergelijking met het anticonceptiegebruik van vrouwen: 8 op de 10 vrouwen van vruchtbare leeftijd in België gebruikt anticonceptie. Maar de groeiende ontevredenheid over de pil maakt de vraag naar alternatieven en anticonceptiegelijkheid luider. Steeds meer vrouwen twijfelen over of stoppen immers met hormonale anticonceptie.

“De meeste mannen deinzen toch terug voor een ingreep aan hun teelballen”, observeert fertiliteitsexpert Herman Tournaye (UZBrussel). “Het is een heiligdom waarmee niet gerommeld mag worden. Er zijn misschien wel meer mannen het idee genegen, maar ze hebben schrik.” Daarnaast bestaan er hardnekkige mythes dat een vasectomie de viriliteit, het libido of het testosteronniveau aantast, terwijl onderzoek juist aantoont dat 32% van de koppels hun seksleven na een vasectomie als beter ervaart, tegenover slechts 4% die het als slechter beoordeelt.

Anticonceptie, een vrouwenzaak?

Anticonceptie en gezinsplanning zijn een fundamenteel onevenwichtige en gegenderde taak. Gedurende minstens dertig jaar, van puberteit tot menopauze, liggen zowel de lasten als de psychologische, fysieke en financiële gevolgen van het voorkomen van zwangerschap voornamelijk bij vrouwen. Deze ongelijkheid is volgens Gabrielle Blair, auteur van Ejaculate Responsibly (2023) merkwaardig gezien de verantwoordelijkheid wordt gelegd bij vrouwen die slechts enkele dagen per maand vruchtbaar zijn, en bovendien maar tot aan de menopauze, in plaats van bij mannen, die in principe 24 uur per dag vruchtbaar zijn, bijna elke dag van hun leven.

Filosoof Suzanne Roes reconstrueert in het boek De politiek van vruchtbaarheid (2024) hoe de komst van de pil het idee versterkte van anticonceptie als vrouwenzaak en de rol van mannen in voortplanting kleiner werd. Voor de seksuele revolutie in de jaren 1960 en de beschikbaarheid van hormonale anticonceptie, bestond gezinsplanning vooral uit condooms, het toepassen van de kalendermethode en terugtrekken (coïtus interruptus). Mannen namen dus actiever deel aan het voorkomen van ongewenste zwangerschappen.

In haar boek Just Get On The Pill (2021) stelt socioloog Krystale E. Littlejohn dat er sindsdien sprake is van gendered compulsory birth control of een gegenderde verplichting tot anticonceptie. Deze ongelijkheid is niet het gevolg van de effectiviteit van anticonceptiemethoden maar van maatschappelijke verwachtingen en de socialisatie van meisjes en vrouwen door ouders, partners, media en een farmaceutische industrie die er vanuit gaat dat er geen afzetmarkt is voor mannelijke contraceptie.

“Contraceptive use, like housework, can be considered another form of domestic labor in which women routinely engage; and, like housework, ideas about gender motivate behavior."
Socioloog Krystalle E. Little John in Just Get On The Pill: The Uneven Burden Of Reproductive Politics (2021)

Als gevolg van deze denkbeelden is momenteel 90% van de wereldwijde anticonceptiemarkt ontwikkeld voor vrouwen, gekocht door vrouwen, en gebruikt door vrouwen. Verschillende studies tonen nochtans aan dat meer dan de helft van de mannen bereid zou zijn zelf anticonceptie te overwegen indien deze beschikbaar zou zijn. Een onderzoek uit 2023 toont bovendien aan dat de bereidheid van deze groep mannen rechtstreeks samenhangt met meer gendergelijke opvattingen.

Anticonceptie, ook een mannenzaak?

Tussen potentiële bereidheid om nieuwe anticonceptiemethoden voor mannen te gebruiken en feitelijke betrokkenheid bij anticonceptie gaapt echter een aanzienlijke kloof. Volgens recent onderzoek in België (2025) zijn weinig mannen bewust bezig met anticonceptie en het (pro)actief bijdragen aan het vermijden van een ongeplande zwangerschap, zowel in vaste relaties als losse seksuele contacten.

Bij losse seksuele contacten uit zich dit in condoomgebruik dat doorgaans pas plaatsvindt op vraag van de partner, eerder dan uit eigen initiatief. Ook het Groot Condoomonderzoek van Sensoa (2024) wijst op de terughoudendheid van mannen tegenover condoomgebruik. Meer dan 40% van de vrouwen gaf aan al te hebben meegemaakt dat een mannelijke seksuele partner geen condoom wilde gebruiken. Ondanks initiatieven die mannen aansporen te experimenteren met verschillende maten en merken condooms, wijzen mannen op een vermindering van hun erectievermogen en moeilijkheden om klaar te komen. In 39% van de gevallen waarin hierover onenigheid ontstaat, wordt het condoom uiteindelijk niet gebruikt.

Studies tonen ook aan dat in heteroseksuele partnerrelaties anticonceptiemethoden voor mannen doorgaans pas besproken worden eens vrouwelijke partners, vaak vanwege lichamelijke of psychische bijwerkingen, expliciet aangeven niet langer (alleen) de verantwoordelijkheid te willen dragen. Ook professor urologie Frank Van der Aa merkt in zijn praktijk dat de toegenomen vraag naar vasectomieën vaak gedreven wordt door hormoonmoeheid van vrouwelijke partners: “Vrouwen van wie de kinderwens vervuld is en die meer ongemakken ondervinden van de pil, zijn assertiever geworden. Ze zeggen tegen hun man: ‘En nu is het aan u.’” De zogenaamd ‘vrouwelijke’ taak van gezinsplanning wordt als het ware overgedragen op de man.

Dat is niet per sé een goed idee. Mannen die zich lieten steriliseren op initiatief van hun partner, rapporteerden aanzienlijk vaker spijt achteraf: twee op de drie (66,7%) gaf aan de beslissing te betreuren. Deze dynamiek draagt daarnaast bij aan het idee dat een vasectomie een gunst is en belemmert dat we mannen zien als een actieve en gelijke actor in vraagstukken rond gezinsplanning. Filosoof Suzanne Roes wijst erop dat ook het logo van World Vasectomy Day vasectomie niet uitdraagt als een eigen taak en verantwoordelijkheid, maar een ‘handeling uit liefde’. Het draait daarbij niet om de wens van de man om geen kinderen te krijgen, maar de wens van de vrouw om te stoppen met anticonceptie. “En hoe mooi dat ook is, mannen moeten sterilisatie kiezen omdat ze zélf geen kinderen willen of niet méér kinderen willen, in plaats van sterilisatie te zien als cadeautje voor de partner.”

Spijt en hersteloperaties

Bij het overwegen van sterilisatie ligt de focus vaak op mogelijke toekomstige spijt. Uit kwalitatief onderzoek blijkt dat mannen vaak terughoudend staan tegenover vasectomie vanwege het onomkeerbare karakter ervan. Zelfs wanneer hun kinderwens vervuld is, wordt de ingreep vaak gezien als een beperking van toekomstige opties.

“De man heeft goede redenen om zijn opties open te houden, want met het uitstellen van de beslissing om wel of geen kinderen te nemen, verliest hij niets. Hij hoeft geen jaren te leven met ongezonde hormonen, of angst voor potentiele zwangerschappen te doorleven, en enkel als ik, zijn partner, niets anders gebuik, zal hij door het gebruik van een condoom wat minder voelen tijdens seks.”
Filosoof Suzanne Roes in De politiek van vruchtbaarheid: een filosofie van sterilisatie (2024, p. 16)

Sterilisatie is, zowel bij mannen als bij vrouwen, niet geschikt voor wie zeker weet ooit biologische kinderen te willen. Urologen zijn het erover eens dat de ingreep moet worden beschouwd als een permanente vorm van anticonceptie en dat het moet worden behandeld als een onomkeerbare beslissing. Toch kunnen zowel het invriezen van zaadcellen voorafgaand aan een vasectomie, als een hersteloperatie of zaadcelwinning uit de testikels mogelijke oplossingen bieden voor mannen met een hernieuwde kinderwens.

Een hersteloperatie waarbij de zaadleiders terug aan elkaar verbonden worden, ook wel vaso-vastomie genoemd, is technisch mogelijk, maar de kwaliteit van de spermacellen is sterk afhankelijk van de tijd die verstreek sinds de sterilisatie. Drie jaar na de vasectomie is de hersteloperatie technisch succesvol in 97% van de gevallen en leidt het in 76% tot een natuurlijke zwangerschap. Na vijftien jaar dalen de kansen respectievelijk naar 71% en 30%.

Patiënten kunnen in dat geval opteren voor een zaadbalpunctie of testiculaire sperma extractie (TESE), een chirurgische ingreep waarbij teelbalweefsel wordt verwijderd en microscopisch onderzocht op de aanwezigheid van zaadcellen. Een vasectomie knipt immers enkel de zaadleiders, maar de productie van zaadcellen in de teelballen blijft na een vasectomie doorgaan. Met deze zaadcellen uit het verwijderde weefsel kunnen via een in-vitro fertilisatie (IVF) behandeling eicellen bevrucht worden. De TESE-methode leidt in 60% van de gevallen tot effectieve zwangerschap.

Spijt na een vasectomie bij mannen in het algemeen is nog onvoldoende onderzocht. Vaak wordt die spijt indirect ingeschat op basis van het aantal mannen dat de ingreep laat terugdraaien. Uit internationaal onderzoek en enquêtes in België blijkt dat 5 à 6% van de gesteriliseerde mannen daadwerkelijk een hersteloperatie laat uitvoeren. Dat blijkt echter geen zuivere maat te zijn voor het meten van spijt, omdat zo’n hersteloperatie meestal niet gebeurt uit echte spijt, maar eerder door een verandering in de persoonlijke situatie, zoals een nieuwe relatie of een gewijzigde kinderwens.

Tegelijk toont onderzoek dat spijt over sterilisatie net vaker voorkomt wanneer er wél al kinderen zijn, terwijl de focus in het maatschappelijk debat vaak ligt op kinderlozen met een sterilisatiewens. Volgens een recente studie in de Verenigde Staten geeft slechts 4,4% van mannen zonder kinderen aan onmiddellijk na de ingreep spijt te hebben, terwijl 7,4% op langere termijn spijt rapporteerde. De resultaten suggereren niet alleen tevredenheid, opluchting en vreugde, eerder dan spijt, maar ook dat kinderloos zijn, geen partner hebben of jongere leeftijd op zich geen reden zijn om een vasectomie af te raden.

Baas in eigen bal? Reproductieve zelfbeschikking bij mannen

In België vragen mannen doorgaans een vasectomie rond de leeftijd van 39 jaar, wat erop wijst dat vooral mannen met een vervulde kinderwens de ingreep overwegen. Toch blijkt uit cijfers van het RIZIV dat zich in de laatste tien jaar een stijging van 47% aftekende in het aantal vasectomieën in de leeftijdscategorie 25 tot 29 jaar. Als we kijken naar jonge dertigers, gaat het bijna om een verdubbeling. Zelfs sommige mannen tussen 20 en 24 jaar vinden hun weg naar de uroloog voor een vasectomie. Volgens het Expertisecentrum Zorginnovatie van Vives wil een groeiende groep jonge mannen overtuigd geen kinderen, vooral omwille van de financiële lasten maar ook omwille van klimaatverandering en de geopolitieke instabiliteit.

Een vasectomie moet worden goedgekeurd door een arts, en de richtlijnen van de Europese Vereniging voor Urologie over vasectomie raden de ingreep af voor mannen onder de dertig jaar en voor vrijgezellen. Een sterilisatiewens resulteert daarom niet automatisch in een ingreep. Onderzoek naar de redenen waarom zorgverleners een vasectomie weigeren is bijzonder beperkt. Een enquête uit 1974 wees uit dat ruim 8% van de geweigerde aanvragen werd afgewezen omdat de patiënten “te weinig kinderen” hadden.

Toch hebben mannen zonder een kinderwens die definitief voor sterilisatie willen kiezen het vaak gemakkelijker dan vrouwen. Wanneer mannen een vasectomie vragen, wordt hun wens vaker meteen als doordacht en rationeel beoordeeld.

“Hoe eerder de sterilisatie wordt uitgevoerd, hoe minder jaren mensen met pregnancy scares, doorlopende anticonceptiekosten en bijwerkingen hoeven te leven. Een jonge leeftijd maakt bij een vrouw de ingreep meer de moeite waard dan een leeftijd waarop je nog maar vijf à tien jaar moet overbruggen tot de overgang.”
Filosoof Suzanne Roes in De politiek van vruchtbaarheid: een filosofie van sterilisatie (2024, p. 72)

Medische experts weigeren de ingreep vaker aan vrouwen dan aan mannen, ongeacht leeftijd en het al dan niet hebben van kinderen. Kinderloze vrouwen onder de dertig die een sterilisatie willen, moeten vaak een heel parcours doorlopen om te bewijzen dat ze het écht willen. Ze krijgen, net zoals bij abortus, een bedenktijd opgelegd en moeten soms een verwijzing van een psycholoog kunnen voorleggen. Zo citeert filosoof Suzanne Roes in haar boek De politiek van de vruchtbaarheid (2024) een interview met bekend gynaecoloog Hendrik Cammu die vertelt dat hij vrouwen van 35 nooit een sterilisatie zou toestaan omdat de prins op het witte paard nog langs kon komen, terwijl hij een jongen van 22 jaar na slechts één goed gesprek een vasectomie toestond. Volgens Roes komt dit omdat vrouwen gezien worden als geboren moeders: vrouwelijkheid en moederschap zijn veel sterker met elkaar verweven dan mannelijkheid en vaderschap. Vaderschap wordt, met andere woorden, niet op dezelfde manier gepresenteerd als kroon op mannelijkheid.

"Ik moest twee keer langs de huisarts, daarna twee keer naar de gynaecoloog én nog naar een psycholoog voor ik goedkeuring kreeg om me te laten steriliseren."
Getuigenis van Linda (32) in de podcast Niet in mijn buik

Tijd voor een reproductieve revolutie?

Anticonceptie voor mannen blijft al tientallen jaren “bijna beschikbaar”. Intussen rust de verantwoordelijkheid voor het voorkomen van zwangerschappen al zes decennia grotendeels op de schouders van vrouwen. Ondanks het beperkte aanbod anticonceptie voor mannen (of net omdat een uitgebreider aanbod hopelijk steeds dichterbij komt), is het belangrijk om de reproductieve autonomie van mannen te versterken. Nog al te vaak blijkt immers dat mannen weinig bewust bezig zijn met anticonceptie en een weinig actieve rol spelen in gezinsplanning. Het condoomgebruik en vasectomieën vinden daardoor vaak plaats op vraag en op initiatief van vrouwelijke partners, en worden nog al te vaak gezien als een gunst.

Om anticonceptie als een gedeelde taak te zien, moeten mannen autonome en geïnformeerde reproductieve keuzes kunnen én durven maken. Vasectomieën kunnen daarin een sleutelrol spelen. Daarom is het belangrijk dat zorgverleners en de samenleving vasectomie erkennen als een volwaardige vorm van anticonceptie, zowel voor mannen op leeftijd met een afgeronde kinderwens als voor jonge mannen die bewust kiezen om geen kinderen te krijgen.


* Ongeacht de diversiteit op het vlak van sekse en genderidentiteit die veel rijker is dan man-vrouwverdeling, worden anticonceptiemiddelen in onze samenleving vooralsnog ontwikkeld met het oog op de normatieve vrouwelijke of mannelijke anatomie. Wanneer we in deze tekst spreken over vrouwen of mannen, verwijzen we dan ook enkel naar biologische categorieën.

Meer weten?

In de pers: