Op deze pagina leggen we uit wat verbaal en psychologisch partnergeweld is, wie ermee te maken krijgt, welke gevolgen het kan hebben en waar slachtoffers terechtkunnen voor hulp.
Verbaal en psychologisch partnergeweld – soms ook emotioneel partnergeweld genoemd – is de geestelijke mishandeling door een (ex-)partner. Het omvat onder meer schreeuwen, kleineren, uitschelden, vernederen, bedreigen en manipuleren. Ook controlerend gedrag, zoals contact met vrienden of familie verbieden of iemands gsm, sociale media of locatie controleren, behoort hiertoe. Daarnaast gaat het bijvoorbeeld om het (dreigen met) vernielen van persoonlijke bezittingen, (dreigen met) geweld tegen dierbaren, dreigen met suïcide of het afnemen van identiteitsdocumenten of financiële middelen. Dit laatste is ook economisch partnergeweld.
Verbaal en psychologisch partnergeweld is de meest voorkomende, maar ook de minst zichtbare en meest onderschatte vorm van partnergeweld, omdat het niet altijd eenvoudig aantoonbaar is en vaak ook niet aangegeven wordt.
Onderzoek op basis van bevraging in België toont aan dat 30,4% van de bevolking minstens één keer in het leven slachtoffer wordt van verbaal en psychologisch geweld door een intieme partner. De prevalentie van verbaal en psychologisch partnergeweld is vergelijkbaar bij mannen en vrouwen. Administratieve data uit politierapporten tonen een lager cijfer van verbaal en psychologisch partnergeweld.
Binnen deze vorm van partnergeweld zijn kleinering, vernedering en belediging de meest voorkomende uitingen. Bijna één op de vijf Belgen geeft aan dit te hebben meegemaakt. Uitgesplitst naar sekse gaat het om 22,3% van de vrouwen en 17,7% van de mannen van de Belgische bevolking. Van alle slachtoffers van verbaal en psychologisch partnergeweld geeft 74,2% van de vrouwen en 57,1% van de mannen aan kleinering, vernedering of belediging te ervaren. De tweede meest voorkomende uiting is boos worden om sociale contacten of activiteiten, of die controleren. Dit komt ongeveer even vaak voor bij mannen als bij vrouwen.
Bepaalde vormen van verbaal en psychologisch partnergeweld komen over het algemeen minder vaak voor, maar treffen vrouwen wel disproportioneel vaker dan mannen, zoals intimidatie, opsluiting of toestemming moeten vragen om het huis te verlaten en een verbod om te gaan werken. Ook dreigen met geweld tegen dierbaren of mensen uit de omgeving treft vooral vrouwen: één op de tien vrouwelijke slachtoffers van partnergeweld geeft aan dit te hebben meegemaakt.
Bij het bevragen van de frequentie van verbaal en psychologisch partnergeweld, zien we ook sekseverschillen: 31,2% van de mannen en 44,5% van de vrouwelijke slachtoffers geven aan dit vaak of voortdurend mee te maken. Daarentegen geeft 40,5% van de mannelijke slachtoffers aan dat dit zelden voorkomt (waaronder één enkele keer), tegenover 25,9% van de vrouwelijke slachtoffers. Daarnaast worden bepaalde vrouwen ook vaker geconfronteerd met verbaal en psychologisch geweld dan andere vrouwen. Vrouwen die niet arbeidsactief zijn (bijvoorbeeld door werkloosheid, langdurige ziekte of een handicap), een slechte gezondheid of beperking hebben of zich in een precaire financiële situatie bevinden, ervaren vaker verbaal en psychologisch partnergeweld. Opleidingsniveau heeft geen invloed op potentieel slachtofferschap.
Hoewel verbaal en psychologisch partnergeweld ongeveer even vaak voorkomt bij vrouwen als mannen gedurende hun levensloop (prevalentie), zien we een verschil in de manier waarop verbaal en psychologisch partnergeweld zich uit (vorm) en hoe vaak slachtoffers dit meemaken (frequentie).
Tegelijk waarschuwt het Instituut voor de gelijkheid van vrouwen en mannen voor de onzichtbaarheid van verbaal en psychologisch partnergeweld bij mannen. Ze wijzen erop dat mannen minder makkelijk spreken over het partnergeweld dat ze ervaren, zeker met een professional. Prevalentieonderzoek toont nochtans aan dat verbaal en psychologisch partnergeweld de meest voorkomende vorm van partnergeweld is die mannen ervaren.
Deze vorm van partnergeweld kan het normale functioneren en zelfvertrouwen van het slachtoffer ernstig aantasten. Zowel het geweld zelf als de voortdurende dreiging kunnen op korte en lange termijn ernstige gevolgen hebben voor het sociale en emotionele welzijn en de psychische gezondheid van slachtoffers zoals angst, slapeloosheid en depressie. Slachtoffers gebruiken daardoor ook vaker geneesmiddelen zoals slaapmiddelen, angstremmers of antidepressiva. Ook lang na het beëindigen van een gewelddadige relatie kunnen de psychologische gevolgen voortduren.
Verbaal en psychologisch partnergeweld kunnen ook een grote impact hebben op sociale relaties en andere leden van het gezin. Sommige slachtoffers verbreken het contact met familie of vrienden of raken sociaal geïsoleerd. Volgens de meldcode bij partnergeweld merkt ongeveer 80% van de kinderen iets van partnergeweld en ziet 25% van de kinderen en jongeren hun ouders zo roepen tegen elkaar dat ze er angstig van worden. Kinderen die opgroeien met partnergeweld ondervinden negatieve gevolgen voor hun emotionele, sociale en cognitieve ontwikkeling. Ook kunnen zij hechtingsproblemen ontwikkelen. Dit alles kan zich ook uiten in mindere (school)prestaties. Kinderen kunnen ook rechtstreeks slachtoffer worden van verbaal of psychologisch geweld. In dat geval is er sprake van intrafamiliaal geweld, meer bepaald van kindermishandeling.
Wie slachtoffer of getuige is van verbaal en psychologisch partnergeweld kan terecht bij volgende instanties: