Sjabloon thumbnail Ro Sa leest

Radical Intimacy - Sophie K. Rosa

Sophie K. Rosa
Radical Intimacy
Pluto Press, 2023. 196 p.

geschiedenis / gezin / kapitalisme / lichaam / romantiek /seksualiteit / vriendschap / zorg / zorgarbeid

In Radical Intimacy onderzoekt psychotherapeut en journalist Sophie K. Rosa hoe het kapitalisme onze intieme levens beïnvloedt. Haar opvatting van intimiteit beperkt zich niet tot seksuele en romantische relaties, maar omvat ook mentale gezondheid, (zelf)zorg, familie, verwantschap, vriendschap, een thuis en zelfs de dood. Rosa gebruikt deze aspecten als lenzen om naar intimiteit te kijken en benadrukt daarbij dat het persoonlijke onmiskenbaar politiek is.

De vijf hoofdstukken benaderen intimiteit telkens vanuit een specifiek kader. Daarbij reikt Rosa steeds een actueel voorbeeld aan waarin de invloed van het kapitalisme op het intieme voelbaar wordt. Ze analyseert hoe genormaliseerde praktijken en gedragingen schadelijk zijn voor de mens en reikt vervolgens alternatieven aan. Het boek nodigt uit om kritisch te kijken naar systemen zoals kapitalisme en heteronormativiteit, en hoe die onze liefdesrelaties, onze zorg voor elkaar en zelfs hoe we rouwen vormgeven en beperken.

Politiek radicalisme

Met de titel van haar boek plaatst Rosa intimiteit resoluut in een politiek kader, waarbij ze verduidelijkt dat radicaliteit voor haar in zijn kern draait om verbeelding en abolitionisme.

Volgens haar zijn onze persoonlijke levens diep verbonden met de politieke economie. Door de verregaande individualisering in onze samenleving is intimiteit onderdeel geworden van een markt: denk aan datingapps, zelfzorg als ‘project’ en de (t)huizenmarkt. Om haar pleidooi voor verandering, waar collectiviteit en zorg centraal staan, kracht bij te zetten, verwijst ze naar zowel historische als hedendaagse sociale praktijken en mechanismen die het anders doen.

Zorg centraliseren

In het eerste hoofdstuk, Your Life In Your Hands, uit Rosa kritiek op de manier waarop zelfzorg vaak als individuele verantwoordelijkheid wordt voorgesteld. Wie kampt met uitdagingen op het vlak van mentale gezondheid, krijgt dit gepresenteerd als een persoonlijk werkpunt dat investeringen en inspanningen van het individu vereist. De oorzaak wordt dan vaak gezocht in een gebrek aan motivatie of aan de verkeerde mindset, terwijl structurele factoren zoals werkonzekerheid, discriminatie, financiële problemen, huisvesting of een moeilijke thuissituaties dikwijls buiten beeld blijven. Rosa stelt dat de kapitalistische ideologie de verantwoordelijkheid voor welzijn systematisch bij het individu legt, wat duidelijk zichtbaar wordt in de manier waarop de commerciële wereld hierop inspeelt. Van apps zoals 'Better Help', die 24/7 online therapie bieden, tot de oververzadigde markt van zelfhulpboeken, -cursussen en -video’s: hulp lijkt overal te koop. Die hulp is echter niet altijd constructief en soms zelfs gevaarlijk. Volgens Rosa is het daarom essentieel om structurele, sociale oorzaken van de mentale gezondheidscrisis te onderzoeken om zicht te krijgen op schadelijke factoren en te evolueren naar een zorgzamere wereld waar zorg een gedeelde verantwoordelijkheid is.

De druk rond zelfzorg beperkt zich bovendien niet tot mentale gezondheid. Ook het uiterlijk is onderhevig aan de kapitalistische fixatie op onrealistische idealen. Bedrijven die cosmetica en huidverzorgingsproducten verkopen, spelen in op de verwachting om er ‘mooi en gezond’ uit te zien. Rosa illustreert dit met het voorbeeld van ‘look good, feel better’- workshops uit de cosmetica-industrie, die kankerpatiënten leren hoe ze vlekjes, wallen en andere zichtbare tekenen van ziekte met make-up kunnen verbergen.

In het laatste hoofdstuk, dat de dood centraal stelt, kaart Rosa aan hoe zorg en officiële erkenning tekortschieten voor veel (chronisch) zieken en mensen met een fysieke of mentale beperking. Wanneer zij door gezondheidsredenen niet kunnen werken, is overheidssteun in het Verenigd Koninkrijk ontoereikend, ontoegankelijk en tout court schaars, aldus Rosa: een observatie die vandaag in België maar al te herkenbaar zal zijn. Rosa beklemtoont de paradox dat kapitalisme onze gezondheid ondermijnt, bijvoorbeeld door stress of ondermaatse werkomstandigheden, maar tegelijkertijd op gezonde lichamen en weerbare geesten rekent om arbeid te kunnen leveren. Die tegenstrijdigheid wordt nog schrijnender wanneer ze de situatie van Britse zorgverleners aanhaalt, die vaak onderbemand en onderbetaald zijn.

De economie van de liefde

In het hoofdstuk Us Two Against the World onderzoekt Rosa hoe romantische relaties nogal te vaak worden benaderd vanuit een heteronormatief en monogaam perspectief. Het nucleaire gezin duidt op de samenstelling van een gezin dat bestaat uit een hetero-monogame relatie en hun nakomelingen die verblijven in een privaat huishouden. Hoewel dit model sterk genaturaliseerd is - het geeft de indruk dat dit de normale gang van zaken is en dat de wereld altijd op deze manier georganiseerd is geweest - onderstreept Rosa dat het gaat om een relatief recent fenomeen, ten gevolge van een witsuprematistisch heteropatriarchaal kapitalisme. In inheemse relatievormen komen polyamoureuze relaties, scheidingen en ook non-binaire genderidentiteiten voor, die tijdens koloniale ‘beschavingsmissies’ werden onderdrukt en vervangen door de heteronormatieve structuren en normen.

In de huidige samenleving geldt het nucleaire gezin als een standaard waarrond sociale en politieke regelgevingen zijn opgebouwd. Die focus op heteronormatieve relaties is echter schadelijk op verschillende vlakken. Alternatieve relatievormen worden geminimaliseerd. Boven krijgen romantische liefdesrelaties een groter maatschappelijk aanzien dan vriendschappen en andere vormen van verwantschap.

Rosa doet beroep op queer theory, intersectioneel en zwart feministische theorie, evenals auteurs zoals Adrienne Rich en bell hooks om aan te tonen dat structuren zoals het huwelijk heteropatriarchale ideologieën in stand houden. Alternatieve vormen, zoals queer en polyamoureuze relaties, hebben een ‘radicaal potentieel' volgens Rosa, omdat ze de dominante onderdrukkende vormen van romantische relaties zowel kunnen “verstoren als alternatieven kunnen aanbieden” (p.72).

Daarnaast illustreert de auteur aan de hand van talrijke voorbeelden dat romantische relaties ingebed zijn in een markteconomie. Zo dragen datingapps bij aan de commodificatie van liefde door gebruikers te laten betalen in ruil voor meer informatie en een meer ‘gefilterde’ selectie aan potentiële partners. Rosa rapporteert dat Match Group, het moederbedrijf van de meest gebruikte datingapps, in 2020 hierdoor 1,4 miljard dollar (1,2 miljard euro) opbrengst genereerde. Ook het op foto’s gebaseerde swiping-format versterkt het marktdenken: mensen worden gereduceerd tot hun uiterlijk en worden in eerste instantie louter op basis daarvan beoordeeld. Het leidt tot een toename aan afwijzing, alsook discriminatie in de vorm van racisme, transfobie, validisme en bodyshaming.

Naast datingapps bespreekt Rosa ook het huwelijk als onderdeel van het dating industrial complex. Gehuwde koppels genieten in de kapitalistische samenleving nog steeds een hoger aanzien dan ongehuwde koppels. De staat stimuleert het huwelijk via financiële voordelen zoals belastingverminderingen, en presenteert het als een maatschappelijke steunpilaar en een ideaal om naar te streven. Alleenstaande ouders daarentegen hebben het niet alleen financieel moeilijker, maar worden ook geconfronteerd met sociale stigmatisering. Bovendien kent het huwelijk een problematische geschiedenis: zo was verkrachting binnen het huwelijk tot 1991 geen strafbaar feit in het Verenigd Koninkrijk (in België in 1989) en werd de vrouw juridisch en sociaal als eigendom van de man beschouwd (in België tot 1976).

Ook tijdens de Covid-19 pandemie werd ten slotte duidelijk dat monogame relaties bevoordeeld worden ten opzichte van andere relatievormen, aldus Rosa. Personen in relaties die monogaam waren, mochten elkaar wel nog zien. Personen die niet in een vaste relatie of in open relatievormen waren, werden anderzijds aan de kant geschoven en vielen buiten de regelgeving.

Een weg naar radicale verbintenis

Radical Intimacy is een oproep om stil te staan bij de structuren die onze levens diepgaand beïnvloeden en vaak beperken of benadelen. Het boek pleit voor bewustwording rond hoe we leven en hoe onze maatschappij werkt. Rosa’s anekdotische vertelvorm concretiseert telkens helder de problematieken die ze aankaart en maakt het voor de lezer mogelijk om zich in te leven. Haar kernboodschap lijkt dat kapitalisme zich dan wel presenteert als een systeem dat de mens dient, terwijl het in de werkelijkheid meer neemt dan het geeft.

Door de tekortkomingen van het kapitalisme scherp te belichten, versterkt Rosa haar pleidooi voor een radicale herziening van intimiteit waarin de mens centraal staat. Bij haar bespreking van Foucaults visie op vriendschap stelt ze bijvoorbeeld dat een collectieve verschuiving van intimiteit — waarbij vriendschappen worden gecentraliseerd in plaats van romantische relaties — een bron van macht kan vormen. Volgens Foucault staat vriendschap symbool voor het ontstaan van nieuwe bondgenootschappen, en juist die vormen een bedreiging voor bestaande machtsmechanismen zoals het kapitalisme. Hoewel de thematiek zwaar klinkt, sprankelt het boek van Rosa’s optimistische kijk en geloof in het potentieel voor maatschappelijke verandering die iedereen ten goede komt.

Aanraders uit de RoSa-bibliotheek:

#RoSaleest #Boek #Bespreking #RoSa #Bib #Relaties #Intimiteit #Individualisme #Kapitalisme #Zorg