RoSa vzw biedt elke twee weken een genderperspectief op actuele of onderbelichte thema’s. Naar aanleiding van het recente Equimundo-rapport onderzoeken we deze week de rol van online porno in de seksuele ontwikkeling van jongens. Hoe beïnvloeden pornografische beelden hun ideeën over intimiteit, toestemming en mannelijkheid?
Gepubliceerd op 23/04/2026

Online porno is voor veel jongeren een vast onderdeel van hun digitale omgeving. Volgens recent onderzoek kijkt 40% van de 12-13-jarige jongens in Vlaanderen regelmatig naar porno, tegenover 30% van de meisjes van die leeftijd.
Volgens het nieuwe Equimundo-rapport Boys and Digital Porn: Navigating Sexuality in the Internet Age zoeken jongens online niet alleen opwinding, maar ook informatie: over seks, relaties, verlangen en wat het betekent om ‘een man’ te zijn. Waar relationele en seksuele vorming op school vaak ontoereikend blijft, en gesprekken thuis uit ongemak uitblijven, nemen commerciële platforms en pornografische websites die rol over.
Het rapport, opgesteld door Equimundo voor het United Nations Population Fund (UNFPA), beschrijft hoe online pornografie jongens vaak al op jonge leeftijd bereikt. Ze gaan er zelf naar op zoek, maar komen er ook onbedoeld mee in aanraking. Het rapport haalt onder meer deze cijfers aan:
58% van de Australische jongeren zag minstens één keer onbedoeld porno
30% van de Australische jongeren kwam er al vóór de leeftijd van 13 jaar onbedoeld mee in aanraking
41% van de jongeren in Taiwan ervoer onbedoelde blootstelling
68% van de jongeren in de Verenigde Staten ervoer onbedoelde blootstelling
15% van de Amerikaans tieners wordt al op 10-jarige leeftijd of jonger blootgesteld aan online porno en 54% tegen de leeftijd van 13 jaar
10% van de Britse kinderen werd blootgesteld tegen de leeftijd van 9 jaar, 27% tegen 11 jaar en 50% tegen 13 jaar
Hoe meer de content hun aandacht kan vasthouden en kan leiden tot herhaaldelijk kijken, hoe meer winst er gemaakt wordt door de aanbieders van deze inhoud. Dit verdienmodel leidt ertoe dat algoritmes en platformontwerp worden ontworpen om de blijvende aandacht van jongeren te capteren. Dat doen ze door hen steeds vaker richting sensationelere en extremere inhoud te sturen.
Is het erg dat jongens bewust naar porno kijken? De auteurs van het rapport benadrukken expliciet dat seksuele nieuwsgierigheid, zelfexploratie en toegang tot informatie over seksualiteit normale onderdelen zijn van opgroeien. Het probleem ligt volgens hen elders: in een digitale omgeving waar jongens vaak zonder begeleiding terechtkomen bij beelden die seks sterk linken aan dominantie, prestatie en ongelijkheid.
Daarmee schuift het rapport een kritisch perspectief naar voren. Online porno beïnvloedt volgens de auteurs niet alleen wat jongens over seks leren, maar ook hoe zij vrouwelijkheid, mannelijkheid, consent en relationele wederkerigheid gaan begrijpen. Vooral mainstream pornografie reproduceert vaak vernederende, racistische of gewelddadige voorstellingen, terwijl gesprekken over consent, het gebruik van anticonceptie, de beleving van emotionele intimiteit en wederzijds plezier meestal niet in beeld komen.
Volgens het rapport zijn jongens zich daar ook bewust van. Ze beseffen dat porno geen goed voorbeeld biedt van gendergelijkheid, toestemming (consent) en respectvolle relaties.
Volgens een rapport van de Australische eSafety Commissioner dat Equimundo aanhaalt, erkennen jongeren zelf de negatieve impact van online porno, vooral op hun beeld van relaties en seksualiteit. Een meerderheid van de bevraagde jongeren denkt dat porno een negatieve invloed heeft op:
begrip van toestemming (74%)
ideeën over intieme relaties (76%)
verwachtingen rond seks (76%)
opvattingen over genderstereotypen (64%)
Die analyse sluit aan bij inzichten uit masculiniteitenonderzoek. In het hoofdstuk Sexual Affects: Masculinity And Online Pornographies uit het Routledge International Handbook of Masculinity Studies stelt socioloog Steve Garlick dat pornografie vandaag niet los kan worden gezien van de digitale omgeving waarin ze circuleert. Online porno is volgens hem meer dan expliciete inhoud alleen: ook de structuur van websites, de classificatiesystemen, de overvloed aan beelden en de affectieve impact ervan spelen mee in hoe seksualiteit wordt beleefd. Ook Garlick wijst erop dat pornografie voor jongens en mannen niet alleen draait om opwinding, maar ook om de vraag wat mannelijkheid betekent. In die zin is porno ook een plaats waar ideeën over controle, dominantie, verlangen en seksuele identiteit worden aangeleerd, herhaald en genormaliseerd. Zijn analyse helpt om online pornografie niet alleen te begrijpen als een verzameling beelden, maar ook als een bredere technologische en culturele omgeving waarin genderverhoudingen mee vorm krijgen.
Het Equimundo-rapport bundelt de onderzoeksbevindingen in vijf grote zorgen:
jongens worden op steeds jongere leeftijd blootgesteld aan hardere pornografie;
veel mainstream inhoud is seksistisch, racistisch of vernederend;
pornografie kan het seksuele referentiekader van jongens vertekenen;
er zijn verbanden met seksueel agressieve attitudes en gedragingen, vooral in combinatie met bestaande opvattingen over dominantie en seksualiteit;
ouders en opvoeders voelen zich vaak onvoldoende toegerust om hierover in gesprek te gaan.
Het rapport stelt dat de huidige digitale context het risico vergroot dat jongens seks gaan begrijpen via scripts van ongelijkheid, prestatiedruk en beschikbaarheid van andermans lichamen. Daarbij speelt ook mee dat veel jongeren moeite hebben om pornografische beelden van realistische verwachtingen te onderscheiden, wat de impact op hun ideeën over relaties en seksualiteit kan versterken. Tegelijkertijd wijzen de auteurs erop dat pornografie niet eenduidig negatief is: voor sommige jongeren kan het ook een ruimte zijn voor nieuwsgierigheid, zelfexploratie en het opzoeken van informatie, zeker wanneer andere bronnen ontbreken.
Het Equimundo-rapport pleit dus niet voor een verbodsdiscours. Een ‘kijk gewoon niet’ -benadering volstaat volgens hen niet in een omgeving waarin expliciete inhoud alomtegenwoordig is en jongeren er vaak toevallig mee in aanraking komen. Zo’n benadering gaat bovendien voorbij aan de handelingsvrijheid van jongens en hun recht op een veilige, private en autonome seksuele ontwikkeling en exploratie. In plaats daarvan schuift het rapport vijf actielijnen naar voren:
Die laatste piste is bijzonder actueel. De Europese Commissie opende recent onderzoeken naar verschillende grote online platforms onder de Digital Services Act (DSA), een Europese regelgeving die onder meer gericht is op de bescherming van minderjarigen tegen online risico’s zoals cyberpesten, expliciete inhoud en seksuele uitbuiting. Zo loopt er een onderzoek naar Snapchat vanwege bezorgdheden rond grooming en seksuele exploitatie, en naar pornoplatforms zoals Pornhub, Stripchat, XNXX en XVideos wegens gebrekkige leeftijdscontroles.Volgens de Europese Commissie kan vroege en frequente blootstelling aan porno risico’s met zich meebrengen, zoals stereotiepe of zelfs kwalijke attitudes over gender en seksualiteit, mentale gezondheidsproblemen en een grotere tolerantie voor seksueel grensoverschrijdend gedrag.
Uit onderzoek van de Europese Commissie blijkt dat de genoemde websites onvoldoende inspanningen leveren om de risico’s voor minderjarigen te identificeren en te beperken. In de praktijk volstaat het vaak dat gebruikers zelf aangeven dat ze ouder zijn dan 18 om toegang te krijgen. Europese toezichthouders vinden dit systeem onvoldoende betrouwbaar.
Twee van deze platformen worden ook genoemd in het Equimundo-rapport: een studie uit 2020, waarin 4.009 heteroseksuele scènes van Pornhub en Xvideos werden geanalyseerd, stelde vast dat in totaal 45% van de scènes op Pornhub minstens één vorm van fysieke agressie bevatte, tegenover 35% van de scènes op Xvideos.
In 97% van de gevallen waren vrouwen het doelwit van die agressie, en hun reactie werd bijna altijd als neutraal of positief voorgesteld (en zelden negatief). In 76% van de scènes waren mannen de daders van agressie tegen vrouwen.
Digitale seksuele cultuur wordt door de snelle ontwikkelingen rond artificiële intelligentie nog actueler. Zo bericht WIRED over een wereldwijde toename van seksuele deepfakes op school. Dat zijn zeer realistisch ogende, met artificiële intelligentie gemanipuleerde beelden. Het lijkt daarin alsof iemand iets zegt of doet wat in werkelijkheid nooit is gebeurd. Die beelden worden meestal gemaakt door tienerjongens met zogenoemde nudify-apps. Dat zijn toepassingen die foto’s digitaal bewerken zodat het lijkt alsof iemand naakt is, terwijl dat niet zo is.
Deze evolutie toont hoe pornografische beeldcultuur, artificiële intelligentie en online seksueel geweld steeds nauwer met elkaar verweven raken. Ook in België duiken gelijkaardige fenomenen op. Zo waarschuwt Child Focus dat zes op de tien jongeren al experimenteerde met technologie om naaktbeelden te genereren.
Jongens worden ook slachtoffer van online seksueel geweld. Het Nederlandse rapport Jongensslachtoffers op Chat met Fier - een vorm van anonieme online hulpverlening voor slachtoffers van geweld - geeft inzicht in de vragen van 381 jongens en mannen die tussen 2018 en 2020 op de chat kwamen praten over seksueel geweld. Bij hands-off seksueel geweld worden onder meer gedwongen porno kijken, ongewilde seksuele opnames en sextortion genoemd. Vijf chatters hebben aangegeven dat zij na hands-on seksueel geweld bovendien onder druk werden gezet door de plegers. Daarbij gaat het om sextortion, dreiging, chantage en stalking. Een chatter geeft bijvoorbeeld aan dat seksuele filmpjes op pornowebsites worden geplaatst als hij niet doet wat de pleger wil. Recente cijfers uit het Verenigd Koninkrijk tonen ook hoe wijdverspreid online seksuele afpersing is: het aantal meldingen van sextortion bij minderjarigen steeg er met 34% op één jaar tijd, waarbij 98% van de slachtoffers jongens tussen 14 en 17 jaar zijn.
Niet alleen geweld en uitbuiting, maar ook seksueel genot krijgt onvoldoende aandacht volgens experts. Zo wees seksuoloog Goedele Liekens er al meermaals in de media op dat we de moed moeten tonen om het ook over seksueel genot te hebben met jongeren. "Ze komen er toch mee in aanraking. Whether you like it or not. Vaak is seksuele opvoeding dan het enige tegengewicht," zei ze vorig jaar in De Morgen. Recenter wijst ze er opnieuw op in een column dat jongens vaak al op jonge leeftijd met porno in aanraking komen en dat dit hun beeld van relaties kan beïnvloeden. Ze benadrukt daarbij dat porno niet de enige factor is die invloed heeft, maar wel een rol speelt. Weer pleit ze voor meer educatie: "Ik pleit voor doorgedreven seksuele opvoeding. Blijven praten."
La sexualité qui vient: jeunesse et relations intimes après #Metoo / Marie Bergström [Ed.], 2025
Pornocracy / Jo Bartosch & Robert Jessel, 2025
Jongeren en online seksueel grensoverschrijdend gedrag Wegwijs in het digitale tijdperk / Zohra Lkasbi, 2022
Bron hoofdafbeelding en banner: Agung Raharja via Unsplash