Nederlands icoon van het socialistische feminisme, auteur en progressieve politica
Anja Meulenbelt is vanaf de beginjaren betrokken bij de vrouwenrechtenbeweging in Nederland. Ze groeit uit tot een feministisch icoon wanneer ze in 1976 De schaamte voorbij publiceert, inmiddels een feministische klassieker. Het is een autobiografisch verhaal over haar jonge moederschap, gewelddadige relatie en haar weg in de seksuele revolutie, het feminisme en activisme. Het boek wordt in elf talen vertaald, meer dan een half miljoen keer verkocht en leidt tot heel wat ophef in Vlaanderen en Nederland. Er volgen nog tientallen boeken, evenals artikels, pamfletten, brochures, blogs en lezingen, waarin Meulenbelt zich telkens sterk maatschappelijk betrokken toont. Intussen heeft Meulenbelt al meer dan vijftig titels op haar naam.

Anja Meulenbelt wordt geboren in de hongerwinter van 1945 te Utrecht, Nederland. Op zestienjarige leeftijd wordt ze onverwacht zwanger, zet ze haar onderwijs stop en verlaat ze haar thuis, waardoor ze uit de klasse valt waarin ze opgroeide. Ze trouwt met de vader van het kind, die gewelddadig blijkt, en gaat enkele jaren later bij hem weg – een periode die ze beschrijft in haar eerste en bekendste boek De schaamte voorbij, die ze zelf een ‘fictionele biografie’ noemt. Na haar scheiding begint volgens Meulenbelt haar ‘echte leven’: ze schrijft, is actief in de vrouwenbeweging, meldt zich aan bij de sociale academie in Amsterdam en later ook aan de Universiteit van Amsterdam. Vanaf 1972 geeft Meulenbelt zelf ook les, onder meer Welzijnswerk aan de Hogeschool van Amsterdam. Ze is steeds actief in praatgroepen en hulpverleningsinstellingen voor vrouwen. Meulenbelt verbindt zich aan Huub Oosterhuis’ Amsterdamse Studentenekklesia, een katholieke studentenparochie, waar ze zich in 2001 laat dopen. Vandaag blijft Meulenbelt zich inzetten voor gelijkheid en een rechtvaardige samenleving. Ze woont nog steeds in Amsterdam, samen met haar twee poezen.
Doorheen de jaren 1970 is Anja Meulenbelt niet alleen uitgesproken activistisch in haar schrijven, maar is ze ook betrokken bij de oprichting van de Fem Soc-beweging en de Feministische Uitgeverij Sara. Daarnaast staat ze in 1986 mee aan de wieg van de Anna Bijns Stichting die de ondervertegenwoordiging van vrouwen in literaire prijswinnaars aanklaagt. De stichting roept een eigen literaire prijs in het leven om een tegenwicht te bieden.
Meulenbelt’s activisme krijgt ook buiten de letteren vorm. Via de stichting Admira, die slachtoffers van oorlog en van seksueel geweld bijstaat, werkt ze als trainer in de voormalige Joegoslavische landen en Zuid-Afrika. Meulenbelt engageert zich ook in de Palestijnse gebieden, die ze jaarlijks bezoekt, en waar ze zich verbindt aan de lokale stichting Kifaia, die zich inzet voor (medische) zorg en rechten in bezet Palestina. Over de Palestijnse zaak schrijft ze onder andere de boeken Het beroofde land (2000) en De tweede intifada (2001). Tijdens een van haar bezoeken aan Gaza in 1997 leert Meulenbelt Khaled Abu Zaid kennen, oprichter-directeur van het National Center for Community Rehabilitation (NCCR), een door Meulenbelt gesteund project voor mensen met een beperking in Gaza. Na hun twaalf jaar durende relatie, waarvan ze twee jaar getrouwd zijn, schrijft Meulenbelt ook Het Ja-woord (2012) over hun huwelijk. Nog steeds spreekt Meulenbelt zich scherp uit tegen de genocide in Palestina.
Via haar artikelen, boeken en activisme draagt Meulenbelt nog steeds een radicaal socialistisch feminisme uit. Via haar website laat Meulenbelt in 2012 weten dat, waar ze zich voorheen voornamelijk bezighield met feminisme in allerlei vormen, haar engagement zich al enige tijd verbreed heeft naar “een veelkleurige en rechtvaardige samenleving”.
Op haar Facebookpagina en website blijft Meulenbelt regelmatig maatschappijkritische artikels en reflecties schrijven en delen.
Anja Meulenbelt publiceert meer dan veertig boeken en vele artikelen voor diverse tijdschriften. In het begin van haar tijd bij de vrouwenbeweging werkte Meulenbelt mee aan de publicaties van de Bonte Was, een feministische uitgeverij, schrijfcollectief en actiegroep. Ze schreef artikelen voor onder meer Moederboek, Vrouwen over seksualiteit en een brochure over praatgroepen, die in 1974 meermaals werd herdrukt bij het opinieweekblad De Nieuwe Linie. Meulenbelt bewerkte ook het Amerikaanse Our Bodies Ourselves (1973) voor Nederland, dat als Je lichaam, je leven, het lijfboek voor vrouwen (1975) verschijnt bij uitgeverij Bert Bakker. Datzelfde jaar verschijnt ook Feminisme en socialisme, een inleiding (1975) bij Van Gennep, waarin ze stelt dat feminisme socialistisch zal zijn of niet zal zijn – en vice versa. In Feminisme. Terug van nooit weggeweest uit 2017 maakt Meulenbelt diezelfde oefening nog eens. In dit boek stelt ze vast dat een groot deel van de feministische bewustwording van toen vervlogen is. “Voor feministen”, schrijft ze, “is dé hamvraag niet langer alleen: wat is goed voor vrouwen? We moeten ons ook afvragen in wat voor wereld we willen leven.”
Meulenbelt is ondertussen actief als redacteur bij onder meer de Feministische Uitgeverij Sara en Uitgeverij Van Gennep. In 1976 creëert haar eerste roman, De schaamte voorbij: een persoonlijke geschiedenis de nodige ophef. Het werk groeit uit tot een feministische klassieker van formaat. Hoewel het vaak als ‘egodocument’ of ‘autobiografie’ wordt gelezen, onderstreept Meulenbelt op haar website:
Meulenbelt draagt bij aan meer dan vijftig bundels, artikels en boeken, zowel romans als non-fictie. “Waar wij mee bezig waren, was revolutionair”, vertelt Meulenbelt daarover in een interview met de Standaard, “Het ging over geweld, en over seksualiteit. Ik ging de boeken schrijven die ik zelf had willen lezen. Zelf had ik Kate Millett nodig om te weten: dat kán, zo persoonlijk mág je schrijven.” Tot de meer dan veertig titels behoort dan ook Voor onszelf. Vanuit vrouwen bekeken: vrouwen en seksualiteit (1979), een boek door de Feministische Uitgeverij Sara, over vrouwelijke seksualiteit geschreven vanuit het perspectief van vrouwen zelf. Meulenbelt herinnert zich op haar website: “Op dat moment leken alle voorlichtingsboeken vooral te gaan over hoe het hoorde, vanuit een tamelijk mannelijk en heteroseksistisch standpunt. Bij mijn weten was dit boek het eerste dat niet zozeer beschreef hoe het hoorde, maar hoe het ging, en hoe het voelde.” De interviews in het boek, door Ariane Amsberg, worden vergezeld door foto’s door Bertien van Manen, die de vulva’s van de groep fotografeerde: “Veel vrouwen kenden de intieme delen van hun lichaam nauwelijks, alsof dat meer terrein was voor onze minnaars en gynaecologen dan voor onszelf. Dus vonden we dat er foto’s in moesten, echte foto’s, niet de geretoucheerde nepfoto’s uit de porno”, aldus Meulenbelt. In 1988 werd een geactualiseerde versie Vanille en andere smaken gepubliceerd.
Daarna verschijnen onder meer:
Twee jaar Sara. Werken in een vrouwenuitgeverij (1979), over het publicatieproces en uitgeverschap bij de Feministische Uitgeverij Sara
de roman Alba (1984)
Brood en rozen: artikelen 1975-1982 (1984), een verzameling van Meulenbelts artikels
Een Kleine Moeite (1985), een roman over de moeilijke verhouding met haar moeder
Dagen in Gaza (1995), Het beroofde land (2000), De tweede intifada (2001), Een spiegel liegt niet (2002), Habibi, Habibi (2004), Oorlog als er vrede dreigt (2010) en
Kwart over Gaza (2015) over het geweld in Palestina.
In de inleiding van Het beroofde land schrijft Meulenbelt beslist:
“Het betrachten van ‘neutraliteit’ oog in oog met evident onrecht, geen partij willen kiezen, is altijd in het voordeel van de sterkste partij.” Anja Meulenbelt in de inleiding van Het beroofde land (2000)
In 2016 publiceert Spectrum Meulenbelts boek Het verschil: zeventien actuele kwesties bekeken vanuit het feminisme. In 2022 brengt Meulenbelt een boek uit bij Mazirel Pers over moederschap en de genderongelijke verdeling van arbeid en zorg: Alle moeders werken al: pleidooi voor een zorgzame samenleving. In 2023 schrijft Meulenbelt een bijdrage voor de bundel Voorbij de verbijstering over seksueel en partnergeweld. Daarna verschijnen onder meer nog Feminisme. Terug van nooit weggeweest (2017) en Brood en rozen: over klasse en identiteit (2019), beide een pleidooi voor maatschappijkritisch en intersectioneel feminisme.
In een later interview stelt Meulenbelt: “Mijn lievelingsdefinitie van feminisme is: eerlijk delen en niet slaan. [...] Dat betekent dat je niet aan maatschappijkritiek ontkomt. Want de hele maatschappij is gebouwd op niet eerlijk delen.” Diezelfde overtuiging onderstreept Meulenbelt ook in de inleiding van Niet van gisteren: memoires maar dan anders (2025) waarin ze terugblikt op haar leven, werk en de ontwikkelingen in haar denken en uitnodigt om eenzelfde brede reflectie te maken:
Daarnaast draagt Meulenbelt bij aan bundels en wetenschappelijke publicaties en brengt ze in eigen naam zowel romans als non-fictie uit. Tot de meer dan vijftig titels horen onder meer Wat is feminisme? (1981), Kleine voeten, grote voeten: Vrouwen in China, een indruk (1982) en De ziekte bestrijden, niet de patiënt: Over seksisme, racisme en klassisme (1985). Op haar website vind je een volledig overzicht van haar publicaties.
Veel van haar oudere boeken zijn niet langer leverbaar. Sommige van de boeken, zo schrijft Meulenbelt op haar website, zijn ook niet meer actueel en worden vaak ingehaald door nieuwe titels, zoals het recentere Brood en rozen. Over klasse en identiteit (2019). Meulenbelt schonk haar archief, inclusief de vertalingen, aan Atria, het kenniscentrum voor emancipatie en vrouwengeschiedenis in Amsterdam.
Van 2003 tot 2011 is Anja Meulenbelt lid van de Eerste Kamer voor de SP. In 2014 maakt Meulenbelt via haar website Meulenbelt bekend dat ze haar partijlidmaatschap opzegt uit onvrede over de houding van de SP tegenover het geweld in Palestina. In 2017 staat Meulenbelt op de kieslijst van de door Sylvana Simons opgerichte partij Artikel 1, die later wordt omgedoopt tot BIJ1. Beide namen verwijzen naar het eerste artikel van de Nederlandse grondwet, dat stelt dat iedereen onder gelijke omstandigheden gelijk behandeld dient te worden. BIJ1 heeft als speerpunt dat achtergestelde groepen ook echt vertegenwoordigd moeten worden, iets dat Meulenbelt mist bij andere linkse partijen.
Meulenbelt wordt lijstduwer voor BIJ1. Dat is een verkiezingskandidaat namens een politieke partij die naar verwachting veel stemmen zal trekken, maar op een onverkiesbare plaats op de kandidatenlijst staat.
In 1987 ontvangt Anja Meulenbelt de Annie Romein-prijs van het blad Opzij voor haar essayistisch werk en betrokkenheid bij de vrouwenbeweging. Meulenbelt ontvangt in 2004 ook de prijs van Journalist van de Vrede van de stichting Humanistisch Vredesberaad. In 2017 krijgt ze tijdens de Gentse feesten de Prijs Jaap Kruithof, voor “vernieuwende en radicale denkers over een democratische en rechtvaardige samenleving en/of ijveraars voor meer sociale gelijkheid of actievoerders tegen maatschappelijke wantoestanden.”
In 2026, vijftig jaar na haar eerste roman, ontvangt Meulenbelt de hoogste literaire prijs van Nederland: de P.C. Hooft-prijs voor beschouwend proza. “Ik dacht dat ik hiervoor te controversieel was”, reageert Meulenbelt. Dit is tegelijk de eerste keer dat deze prestigieuze prijs aan een vrouw wordt toegekend. Over Meulenbelts werk schrijft de jury: